01/4/17

Het nieuwe jaar , het beste wensen met @zusterAnnelies

Het nieuwe jaar is begonnen, en het is nog net tijd om iedereen het beste te wensen. Na de tijd van de kerstborrels, midden in de tijd van de nieuwjaarsrecepties, nog deze week. De tijd van terugkijken en, natuurlijk, vooruitblikken.
De zuster had een mooi 2016. Druk met allerlei verschillende petten op, van werken in de uitvoering , onderzoeken, van besturen en projecten doen. Tot nu toe vrijwel alles op het gebied van dementie, maar ook eerste voorzichtige stapjes gezet in onderzoek in de psychiatrie. Allemaal fijn en nuttig werk. Dat er toe doet.

Anna Elizabeth Foundation @zusterAnnelies
Voor één project op deze plaats bijzondere aandacht. Het werk van de Anna Elizabeth Foundation. (Ook) deze kleine stichting wil bijdragen aan de beste zorg voor mensen met dementie. Het bestuur bestaat uit een aantal idealistische mensen die zich anderhalf jaar geleden afgevraagd hebben : wat kunnen we doen zonder middelen? Met onze vrijwillige inzet en kennis van de praktijk?  We hebben besloten met elkaar te gaan lobbyen voor het vergroten van basiskennis van dementie. Wat we in de praktijk zien is dat zowel in de instellingen als daarbuiten verondersteld wordt dat iedereen wel over die basiskennis beschikt, en het tegendeel het geval is. Medische, sociale en psychologische aspecten zijn onderdeel van die basiskennis. We hebben daarom besloten om te gaan lobbyen voor deelname aan de STAR cursus. STAR : Skills Training And  Reskilling for carers of people with dementia. Het mooie van deze Europese E-learning is dat hij gevolgd kan worden op niveau van beginner ( leek/ naaste/mantelzorger) , half gevorderd en gevorderde. Als iedereen rond degene met dementie deze E-learning volgt, heeft iedereen hetzelfde begrippenkader, spreekt iedereen dezelfde taal. En kosten slechts 25 euro per persoon.
De Anna Elizabeth Foundation, met haar boegbeeld @zusterAnnelies brengt de cursus onder de aandacht. Teams, families of gezelschappen die de cursus gezamenlijk gevolgd hebben, krijgen een gratis workshop aan het eind waarin nieuwe en interessante ontwikkelingen in de zorg voor mensen met dementie aan de orde komen. Dan krijgt iedereen ook een speldje en een goodiebag.
In het afgelopen jaar hebben we de eerste speldjes en goodiebags mogen uitdelen aan familie en verzorgenden op Acacia Jan Bonga die samen de E-learning hadden gevolgd. EN: deze maand (januari) gaan we les geven aan mensen van de sociale loketten van de gemeente Amsterdam. Zo werken we mee aan een dementie vriendelijke stad.

Help mee!
Benieuwd? neem eens een kijkje op de website! Om in 2017 onze vrijwillige inzet te ondersteunen, om meer lessen en workshops te kunnen geven, en om goodiebags te vullen met een kleine attentie naast de gesponsorde artikelen vragen wij een kleine bijdrage, bijvoorbeeld een tientje, of wat je kunt missen. Op de site vindt je onder de tab doneren hoe je dat eenvoudig kunt doen. Want, we willen ons graag blijven inzetten, waarbij we iedereen, onszelf en mensen met dementie en hun naasten het beste toe wensen.

 

 

05/8/16

het contact organiseren, de context van de zorg?

Een blog over organisatie van de zorg in het verpleeghuis ( o.a.voor mensen met dementie) .

Anders kijken? Visie +?
Werkend bij een bedrijf dat ook aan scholing doet, waar de focus is op de mens waar het om draait in zorgorganisaties, vaak mensen met dementie.
Voor elkaar proberen te krijgen dat er op een andere manier gekeken wordt, meer vanuit hun beleving, hun leven, hun wensen en behoeften.
De focus af van alleen het medische, naar het samenspel tussen het medische, het sociale en het psychologische domein. Het medische wellicht voorwaardenscheppend voor de rest? Het blijft een puzzel.

Hoe komt het toch?
En waar de zuster steeds meer over nadenkt is : Ja, we leren teams anders kijken, niet naar de mens met dementie alleen, maar ook naar zijn/haar context, levensgeschiedenis, geliefden, sociale netwerk. Hoe komt het toch dat we daar al zo lang mee bezig zijn, in verschillende golfbewegingen ( kijkend naar de afgelopen pak m beet 30 jaar , van taakgericht werken naar geïntergreerde verpleging, teamverpleging, patiëntentoewijzing, patiëntgerichte zorg, patiëntgestuurde zorg, de patiënt centraal naar ” zie de mens”.) En dat er naar het gevoel steeds niet echt iets verandert? Naar het schijnt vooral niet in de grote traditionele organisaties?

Helpt de theorie? Antwoord op the gut feeling over dat zoals we de zorg nu organiseren niet past bij ” het product zorg’?
Door het hoofd gaan theorieën als de verwaarloosde organisatie ( (van Joost Kampen, hier artikelen reeks ) als effect van al die reorganisaties , de nieuwe paradigma’s van kleinschalig wonen en zelfsturende teams, de intensieve bijscholingsprogramma’s, de input van “waardevolle zorg” en “In voor zorg”, geïnvesteerd wordt er genoeg!
Blijft the gut feeling over, dat de manier waarop we de zorgorganisaties inrichten niet past bij ” het product zorg’. Bij onze ” primary task”. Onze raison d’etre.

Laten we er van uit gaan – volgens mij is daar geen discussie over nodig – , dat het product van de organisatie plaats vindt in het menselijk contact, meestal tussen twee mensen.

Dat het daar is waar de waarde van de organisatie ligt, de kwaliteit gedefinieerd en tot stand gebracht wordt. Contact met een verzorgend, ondersteunend, behandelend karakter.

Hoe organiseren we dat contact eigenlijk?
Hoeveel vrijheid is er om dat in te richten zoals je het als professional zou willen?
Het valt iedere keer weer pijnlijk op dat dat maar moeilijk lukt. Personele tekorten, verzuim, flexibele schillen, vergaderen, vergaderen.

En wat opvalt : hoe hoger in de organisatie, hoe meer geplande afspraken tussen leidinggevende en naast hogere. In management teams, individueel met de baas, individueel met de bazen van de afdelingen die je nodig hebt. ( HR, Financien)

En dan kijken we nog eens kritisch naar hoe het contact verder georganiseerd is.
Mijn ervaring : voor alle leidinggevenden is dat contact georganiseerd ( tussen alle lagen) en dat stokt bij de direct leidinggevende en medewerker, waar zelfs het teamoverleg er vaak bij inschiet, en er al helemaal geen individueel werkoverleg bestaat ;
En : dat er voor het individuele contact tussen medewerker en patiënt ( en naaste) vaak helemaal níets gestructureerds geregeld is. Net zo min als overleg met bewonersgroep met hun directe naasten. Noch voor intervisie, noch voor consultatie. Het lijkt erop dat we bij alle bijscholingen ons zo richten op individuele gedragsverandering, vergroten van individuele kennis, soms op teams, maar dat we juist hier het systeem, de context buiten beschouwing laten.

Anders organiseren?
En als we het nou eens anders zouden doen?
De dag, de dagen van zeg verzorgenden niet alleen maar organiseren rond wassen, plassen, eten, en medicijnen geven? Die werkzaamheden zien als voorwaardenscheppend om een fijne dag te hebben?
Er achter te komen wat er voor die mens belangrijk is? er toe doet?
En de tijd zo indelen dat er periodiek individueel contact gepland wordt tussen deze bewoner en zo hij wil zijn naaste en degeen die aangesteld is als eerstverantwoordelijke? Voor gesprek, wensen, of gewoon iets gezelligs ondernemen?
En als we dan ook de ondersteuning door leidinggevenden EN collegiale steun organiseren, vormen van intervisie of casuistiekbespreking?
En als we nu eens nog basaler gaan en het contact tussen bewoners en naasten organiseren? Kijken wie wat te bieden heeft? En onze rol ook zou zijn dat te faciliteren? Vanuit het besef dat iedereen wel iets te bieden heeft?
Het opschrijvend, klinkt het eigenlijk heel gewoon. Starten bij het begin, waar het om gaat. En van daaruit kijken wat je moet organiseren om die primaire taak te ondersteunen, en dat geheel van ondersteuning heet dan ‘ de organisatie.’
En, het opschrijvend, lijkt het haast niet te geloven dat het in de praktijk niet zo gaat. ( of wel?) In ieder geval niet in het doorsnee verpleeghuis. Het is kennelijk alleen aan hogere niveaux in de organisatie En hoog opgeleide professionals voorbehouden om het werk zo te organiseren dat er ondersteuning is.
Voor hulp bij wassen, plassen en medicatie geven, daarvoor is dat niet nodig…..
Dat het veel eer gaat over het omgaan met complexe problematiek, het noodzakelijk is ruimte creëren voor menselijk contact, voor het kunnen geven van echte aandacht, dat verwachten we van de overgrote meerderheid in de organisaties, zonder het met hen anders te organiseren.
Kijkend naar de organisatie met deze bril komen we op een organisatie waarin niet de hierarchische structuren centraal staan, maar het structureren van contact , de communicatiestructuren.

  1. Iedere bewoner ( naar wens +naaste) heeft 1 keer in de x tijd overleg met zijn contactverzorgende/ verpleegkundige;
  2. de groep bewoners heeft 1 keer in de x tijd gezamenlijk overleg met….
  3. iedere verzorgende heeft 1 keer in de x tijd overleg met zijn leidinggevende/ coach
  4. voorafgaande aan ieder MDO heeft de bewoner overleg met verzorgende; verzorgende consulteert team : casuistiek, advies etc, en zo verder uitbouwen.

En als er geen tijd is?
de zuster zou zeggen : verder wordt er nergens meer over vergaderd, met uitzondering van die bijeenkomsten waar het werkelijk gaat over collegiaal overleg, steun etc. Werkgroepen? Projectgroepen? Laten we er een tijd mee ophouden en kijken wat er gebeurt als we alles op alles zetten om werkelijk met de inhoud bezig te zijn.

En nog een keer : als er geen tijd is?
Dan komen we aan bij een van de heilige huisjes, nl het dienstrooster. Het betekent nl dat er op een andere manier gepland zal moeten gaan worden, nl om juist die individuele afspraken voor een langere periode in te plannen. Niet van het toeval laten afhangen. Rekening houdend met span of control, rekening houdend met mogelijkheden om behalve de bewoner ook de naasten te kunnen ontmoeten. Dat wordt nog een mooie puzzel, het contact organiseren.

11/7/15

Zusters’ week : Mooie dingen!

#waarhetechtomgaat
Opeens, opeens heeft de zuster meer dan een fulltime werkweek. Werk dat er toe doet. Dat zin heeft, zin geeft, #zinin, waar je energie van krijgt. Ook allerlei andere activiteiten.
Machtig interessant allemaal. Eigenijk, eigenlijk was er 1 gezamenlijke noemer deze week : waar het echt om gaat. Ook vermoeiend, als die vraag continue in je #denkhoofd zit.
( persoonlijke noot : ze komt er ook niet uit met het denkhoofd. Een mens kan niet overal even veel aandacht aan geven, ook al lijkt alles interessant en uitdagend om te volgen. #watdoeterechttoe? Het gevoel, dat is misschien wel een betere richtlijn. Voor een deel dan.)

Ʃ Sum
Maandag
Overdag op kantoor. Vol besprekingen , ontmoetingen, samen zoeken naar samenhang en afstemming, kruisbestuiving. Beetje de kat uit de boom kijken ook!
Waar een ( dit) mens helemaal blij van wordt: presentatie van een project van Care & Culture; kinderen vormen samen met mensen met dementie een koor dat in een aantal bijeenkomsten repeteert voor een uitvoering. Intergenerationeel, ontmoeten, samen doen, samen trots #ertoedoen. Kijk maar : Care and Culture korenproject

In de avond naar de Rode Hoed : “ Sterven kan beter.”
Kwam onverwacht in een voor mij onbekende wereld terecht. Georganiseerd door een christelijke club, ForumC  Bert Keizer, Anton van Hooff ( Vrijdenker; auteur van ‘ Sterven in stijl’ ), Atie Peet-Vreman ( geestelijk verzorger Kuria) en Esmé Wiegman- van Meppelen Scheppink ( directeur NPV) zo maar wat punten:
* Denk van te voren na over je levenseinde, doe dat niet op het laatste nippertje, want tijdens het stervensproces gebeurt er van alles; het sterven gebeurt vaak per ongeluk, en rommelig. En een heel concreet advies : als je waardigheid zoekt in het sterven, blijf dan uit het ziekenhuis!
* Stel een gemachtigde aan. De gemachtigde brengt de ziel in bij besluiten rond het levenseinde als je dat
zelf niet meer kan.
* Het stervensproces is anders bij Christenen, mits je tijdens je leven je geloof leeft.
* Het zo organiseren dat je echt naaste kan zijn, anderen voor de zorg en dingen er om heen zorgen
* Dat je hoopt dat je geest min of meer dezelfde energie heeft als je lichaam, dat lichaam en ziel een beetje
in overeenstemming zijn met elkaar
* De weg, de queeste, maakt het geluk, niet de zekerheid ( van bijv. een hiernamaals )
* Ben zo blij dat ik niet geloof, twee naasten overleden, het is gewoon domme pech. Hoef er – doordat ik
niet geloof – geen zin aan te geven, kan gewoon rouwen.
Mooi. Interessant.

Dinsdag
Lotgenotengroep. Iedere keer weer indrukwekkend. Deze keer o.a. de volgende thema’s:
* Omgaan met ontkenning : Met haar is niks aan de hand! Hoe doen jullie dat?
* Confronterend? Ik wil graag naar de film Still Alice, kan ik haar meenemen of niet?
* Taal : mijn dokter zei op een gegeven moment : ‘uw hersens verouderen,’ dat was zo fijn, om het zo te horen, in plaats van ‘ u heeft Alzheimer.’
* ‘ ik ben er ook nog!’
* besluiten over opname, persoonlijke criteria : als ik het niet meer volhoud, of mij wat overkomt + als het er voor mijn partner niet meer toe doet waar ze is.
* Hoe zou het toch komen dat mijn partner hier zo anders is dan thuis? Veiligheid? De schijn niet hoeven ophouden? Aangesproken worden op waar hij plezier in heeft?
In de middag intensieve bijeenkomst ‘ op kantoor’. Inhoud, structuur, rol, plannen, alles wat er bij hoort! En afsluitend lekker eten met zijn allen.

Woensdag
Afspraken met nieuwe tijdelijke collega. Fijn! Weer een gelijkgestemde! In de vroege avond afspraak met collega over analyseren van interiews. ( Ai, ben niet opgeleid in de wetenschappelijke onderzoekskunde. Brengt me in verwarring…)

Donderdag
Dagvoorzitter Platform Mantelzorg Amsterdam: ‘mantelzorg en zingeving.’
Jaah, mooi en ook lastig onderwerp.
Mooie inleiding van Marielle Cuypers n.a.v. publicatie Op weg naar vitaliteit Welke krachtbronnen heb je , welke dingen maken het de moeite waard? Hoe ervaar je dat in lichaam, hoofd, hart en ziel? ( bijv. luisteren naar signalen van je lichaam)
Genoten van de eerlijkheid en oprechtheid van geinterviewden:
* Zingeving? Willen professionals zich daar ook al tegen aan bemoeien? Laten ze eerst zorgen dat de praktische hulp goed geregeld is, i.p.v. mij diepgaande vragen te stellen, te …… . Over wat het mij doet, de pijn en het verdriet, daar heb ik het met mijn vrienden en familie over!
* Wat ik van waarde vind? Ik heb heel veel geleerd, ook over mijzelf. Ik kon niet echt naar hem kijken zonder meteen met mezelf bezig te zijn. Opgevoed van jong af aan om altijd voor anderen te moeten zorgen, en nu dan ook een kind die volwassen is, maar waar ik ook voor moet zorgen. Moet zorgen? Wat hoort bij hem en wat bij mij? Ik heb voor mijzelf behoorlijk wat moeten opruimen, ben daar nog steeds mee bezig. En : ik wil niet gezien worden als een ( zielige ) overbelaste mantelzorger! Dat ben ik wel, maar het proces, waar het over gaat, betreft heel wat anders dan verondersteld wordt.

Vrijdag
En dan, dan vrijdag, geen energie meer. Het voelt als spijbelen dat ik er aan toegeef om thuis te bijven om op te laden. En al schrijvend : practice what you preach zuster! : luister naar signalen uit je lichaam / geest en ter illustratie deze, die collega op linked in  zette : omdenken en onthaasten 

Mooie dingen!

09/19/15

bij de opening van het Academisch jaar VrijwilligersAcademie Amsterdam

Boeren, burgers, buitenlui! Of Buren, burgers, bestuurders?
Het is een hele eer om hier te staan en samen met u, jullie, een belangrijk moment te markeren, het nieuwe jaar te openen, het nieuwe jaar van de Vrijwilligers Academie, het nieuwe academische jaar.
Laat ik me even voorstellen. Sinds een klein half jaar de rol van voorzitter van het bestuur van de VWA. Mijn hele leven werkzaam in de zorg in Amsterdam, in verschillende rollen. Verpleegkundige, manager, directeur, zelfstandige in allerlei projecten. Mantelzorger, vrijwilliger ook. En nu weer bestuurder.

Waar gaan we het over hebben?
Het is ongelofelijk verleidelijk om hier nu op de politieke actualiteit in te gaan, maar dat gaan we niet doen.
Of een gloedvol betoog te houden over de leefwereld en de systeem wereld, en ook dat wil ik niet in die termen en niet in die taal doen.
Ik ben er inmiddels allergisch voor aan het worden. Zo vergaat het me ook bij de termen formele en informele zorg, maar daar kan ik toch niet helemaal om heen!

Vrijwilligers?
Waar ik het over zou willen hebben is : waar hebben we het over, als we het hebben over vrijwilligers?
Ik zocht het op in de online versie van van Dale:
vrij·wil·lig (bijvoeglijk naamwoord, bijwoord)1uit eigen beweging, niet gedwongen-
vrij·wil·li·ger (de; m,v; meervoud: vrijwilligers)1iem. die zich vrijwillig meldt voor iets-
en in onderzoek van de HvA gaat het over vrijwillige zorg:
” onbetaalde en onverplichte werkzaamheden in georganiseerd verband voor anderen die zorg en ondersteuning nodig hebben en met wie – bij de start – geen persoonlijke relatie bestaat.”

Het gewone leven
En nu terug naar het gewone leven. Is het nu werkelijk nodig om alles zo dicht te definieren? En in welke taal doen we dat dan?
Laat ik een voorbeeld geven. Mijn beneden buren zijn een stuk ouder dan ik.
De 1 heeft een tijd geleden 2 hersenbloedingen of infarcten gehad. Moeite met lopen, zichzelf verzorgen. Zijn partner jonger, en die verzorgt hem. Is daar bijna grenzeloos in. Ze wilden nooit hulp.
Totdat het misging met die jongere. Acute opname in het ziekenhuis.
En de oude, die zat alleen thuis. En wie kan je dan beter bellen dan de buurvrouw?
Oké, deze buurvrouw is ingesprongen , is aan het regelen gegaan, en verleende ook wat zorg.
Zij hakte ook de knoop door en regelde thuiszorg.
Gewoon menselijk, een handje hulp. Niks aan de hand. Fijn om iets te kunnen betekenen.
Maar, waar liggen grenzen? Wat laat de buurman over aan de thuiszorg en waar belt hij de buurvrouw voor? En waar laat de buurvrouw zich wel en niet voor strikken?
Ik moet u eerlijk zeggen, op een gegeven moment kreeg ik het zo benauwd, als ik de trap op liep voelde ik me niet meer helemaal vrij, want ik was er dus er zou ook een beroep op me gedaan kunnen worden. Raar! egoistisch!

Vrijwilliger!
In mijn puzzeltocht en ( ha ha) kritisch zelfonderzoek kwam ik weer eens op dat mooie korte filmpje van onze VWA terecht, waarin uitgelegd werd wat een vrijwilliger is.


En dat het goed is om grenzen te stellen. Dat je niet alles op je zou moeten nemen.
Dat jij het niet bent die verantwoordelijk is, hoe verantwoordelijk je je ook voelt.
En dat het ook helemaal niet gek is DAT je je verantwoordelijk voelt, maar dat je dat niet te ver moet laten komen!
Het stelde me weer enorm gerust. En dan ben ik nog niet eens een echte vrijwilliger zorgverlener volgens die officiële definitie.

De rol van de VrijwilligersAcademie Amsterdam
Dat, volgens mij is dat de kern van wat de VWA doet.
Mensen die vanuit een goed hart, op vrijwillige basis, iets doen voor een ander, toerusten om dat ook te kunnen doen.
Met kennis van de dilemma’s die dat met zich meebrengt.
Gewone , menselijke dilemma’s, die zich onttrekken aan beleidstaal, formele nota’s en politieke bedrijfsvoering.
Die dilemma’s gaan zwaarder wegen als het gaat om op vrijwillige basis te werken in de zorg en welzijnswereld, waar het steeds meer gaat om kwetsbare groepen.
Hoe doe je dat dan, iets voor een ander betekenen die gek gedrag vertoont? Verslaafd is? Een psychiatrische kwaal heeft? Aan het dementeren is?
Wat doe je met je eigen normen en waarden?
Hoe voorkom je dat je dat allemaal op jezelf gaat betrekken?
EN, mag het ook vrijwillig blijven, of moet je mee in het systeem van problemen doelen en acties, op een formele plek in het traditionele hulpverleningsproces?
De Vrijwilligersacademie heeft zich ontwikkeld tot een plek waar je over die gewone dingen kunt leren, praten en jezelf steviger te voelen in wat je uit je hart doet. Waar je gelijkgestemden treft die hetzelfde meemaken.
Waar je kunt leren over jezelf en over de kwetsbare groepen mensen die er niet komen met alleen geïndiceerde en geprotocolleerde hulp en zorgverlening.
Die misschien wel meer hebben aan een gewoon mensenlijk luisterend oor, en een handje hulp, een link met of naar de buitenwereld.
En waar in die relatie geen sprake is van afhankelijkheid, die altijd deel uitmaakt van de professionele hulpverleningsrelatie.

Inspiratie en broedplaats
En op die plek, daar vindt je zoals ik al zei gelijkgestemden. En inspiratie!
Ons boegbeeld, Karin, is als geen ander in staat om in al die ontmoetingen inspiratie in te brengen en uit al die ontmoetingen weer nieuwe initiatieven te laten voortkomen.
Een – echt – informele broedplaats voor ideeen en projecten.
Door gewone mensen, met gewone mensen, de 1 zus en de ander zo.

Gewone mensen taal
Aan het eind van dit korte praatje dan toch nog even iets over taal.
Waar samengewerkt wordt door partijen die dat nog niet lang doen, duurt het vaak lang voordat ze in de gaten hebben dat de eigen taal ( vaktaal van welk vak dan ook ) min of meer gaat bepalen hoe je naar de dingen kijkt.
Laten we er mee oppassen!
Laten we nieuwsgierig blijven naar elkaar en ons laten verrassen.
Laten we als gewone mensen met elkaar omgaan in de gewone mensenwereld.
En : laten we elkaar inspireren.
Daartoe is nu in de workshops alle gelegenheid!
Dus buren, burgers bestuurders : Ik wens u inspiratie toe!

 

Iris van der Reijden @zusterIris 18 september 2015

07/11/15

Even, heel even van de weg weg….

Gistermiddag, na een plezierige lunch met collega ( beiden de eigen kosten gepind) langs een winkel, voor advies en het kopen van een kabeltje.

Oké, ik had het goed bedacht allemaal van te voren, tekeningetje gemaakt van de installatie, de juiste spullen in huis, maar inderdaad, dat ene kabeltje ontbrak.
Blij met het goede advies, vol goed moed om naar huis te gaan en het ( lekker) zelf te doen, afrekenen.
Verkeerde Pincode.
Awel…. nog een keer.. weer verkeerd. Andere pas, ook verkeerde code. En geen cash bij me.
Compleet in de verwarring. Hoe kan dat nou? Verlies ik mijn verstand?
“ Ach meneer, ik ga even naar buiten toe mijn verstand bij elkaar halen “
Sta buiten, kennelijk zo verdwaasd dat een oudere mevrouw naar me toekomt en vraagt of ze me kan helpen? “ Ach mevrouw, pincode vergeten?!” “ Maak U maar niet druk hoor, die komt vanzelf weer boven!” We lachen even.
Loop naar bankautomaat : out of order
Oké, naar huis. Dan maar eens kijken of ik in kan loggen op mijn bankrekening..
“ U heeft nog 1 keer over om de juiste pincode in te voeren “
Nee, dat durf ik niet.
Zoek mijn complete administratie af of ik toch die code niet ergens bewaard heb.
Bel de klantenservice : “ Nee, mevrouw er is geen storing,” en “Ach wat vervelend.” “ Nee, ik kan U niet helpen. Als u naar het kantoor toegaat, kunt u misschien daar wel geld opnemen, en verder zit er niks anders op dan een nieuwe pincode aanvragen, dat duurt een week…”
Ik spoor het internet af en zie dat er op dat moment al 20 meldingen zijn van problemen met pinnen en internet bankieren …
“ rustig aan Lena, dan breekt het lijntje niet…” ik hoor mijn vaders’ stem…
En ja, na een uurtje kan ik zo maar inloggen, met mijn toch correcte code.
Een uur later staat er op de site van de bank dat er vanaf x uur een storing was.

Even, heel even, dacht ik : ” ik word gek,” of nog erger : ” ik word dement.” Even voelde ik me misschien wel een beetje zoals iemand met dementie. Van de weg weg.

06/18/15

Even op adem komen. “Het moet wel vertrouwd zijn.”

Oud nieuws?
In  2014 deed de zuster samen met een partner ( Henk Nouws, Ruimte voor Zorg ) onderzoek naar de behoefte aan logeeropvang / respijtzorg voor mensen met dementie. Het onderzoek vond plaats bij de participanten van het Odensehuis, in opdracht van het toenmalige stadsdeel Zuid van Amsterdam
We verdeelden de taken; Henk sprak allerlei instanties, deed het voor onderzoek, financiële berekeningen en schreef het uiteindelijke rapport. De zuster interviewde mantelzorgers en vrijwilligers op basis van een Vragenlijst . Maakte er portretten van. Zette de vragenlijst nog verder uit. Via deze link zijn de portretten te zien : Portretten van mantelzorgers en vrijwilligers voor onderzoek naar respijtzorg 2014

Belangrijke bevindingen :
Er is een enorme variëteit aan behoeften mbt ” er even tussenuit zijn”. We noemden het ” zorgpauzes” en meer specifiek ” logeerpauzes”
Een greep uit de diversiteit van behoeften en ideeën:
➢Een vrijwilliger van Handen in Huis let op je partner, zodat je zelf er uit kunt. Dit is de meest populaire oplossing;
➢Een ploegje van het Odensehuis dat kan werken zoals Handen in Huis;
➢Een ‘oppas’ of beroepskracht voor dagdelen in huis, een beroepskracht via een zorg-organisatie, of een vrijwilliger via Markant;
➢Een buddy die er met degene met dementie op uit gaat, aangename dingen doet;
➢Samen op vakantie gaan in een groep, zodat je er niet alleen voorstaat;
➢Met een aantal lotgenoten en partners en vrijwilligers op vakantie gaan naar aangepaste voorziening; ➢Een vakantie voor de mensen met dementie zelf, met een aantal vertrouwde vrijwilligers en beroepskracht. Mantelzorgers die dat zelf zouden willen kunnen gewoon mee;
➢Zelf er even tussenuit, terwijl de familie zorgt voor de dementerende partner;
➢Af en toe de partner ‘weg kunnen brengen naar de dagverzorging en haar pas de volgende dag weer ophalen’;
➢Logeren bij het Odensehuis, met ’s avonds samen koken, in de ochtend ontbijten en dan gewoon meedoen aan het programma;
➢”Als het Odensehuis het zou bieden, zou ik er meteen gebruik van maken! Liever vandaag dan morgen!”.

Behoefte verandert met het verloop van de ziekte?
We ontwikkelden een weergave van de behoeften, in de veronderstelling dat de behoefte veranderen al naar gelang van het verloop van de ziekte:

2014 mogelijke behoefte aan pauzes in de zorg

En deden de aanbeveling te experimenteren met een soort makelaar , die per individu kijkt naar de beste oplossing om er even tussenuit te kunnen, en te verwijzen naar de verschillende mogelijkheden. Uiteindelijk kan er dan een mooi overzicht ontstaan !
Een tweede belangrijke aanbeveling was dat professionals in een vroeg stadium mensen met dementie en hun naasten er op wijzen dat het verstandig is om regelmatig pauzes ( bijv. vakanties ) in te plannen, om het langer vol te kunnen houden.

Op dit moment worden de aanbevelingen door het Odensehuis omgezet in een concreet plan.

 

06/16/15

Welke zaken zijn van invloed op mijn kwaliteit van leven? of : hoe bereid je je voor op de oude dag

Aanleiding en ontstaan
Binnen het Stadsdorp Nieuwmarkt hebben we in de werkgroep zorg uitvoerig gepraat over hoe je bij het ouder worden zelf de regie zoveel mogelijk in eigen handen kunt houden, ook als je ( later ) ‘makkes’ krijgt.
We zijn daar tot de conclusie gekomen dat ook hier voorbereiden het halve werk is. Voorbereiden door je situatie in kaart te brengen, je materiële situatie, woonomstandigheden, sociale situatie. Al pratende kwamen we er ook op dat de manier waarop je in het leven staat ook heel bepalend is voor hoe dingen later gaan verlopen. Je eigen gebruiksaanwijzing kennen als het ware.

Checklist en gebruik
Op basis van die gesprekken is er een checklist gemaakt met onderwerpen waar je over na kunt denken in verband met het ouder worden. De aanbeveling is die voor jezelf door te nemen, nee liever nog, die samen met een bekende, een naaste, een dierbare door te lopen.  ( zie ook : Truus Schilp Lezing 2015)
Als je dit gedaan hebt, kom je wellicht later, als er een situatie komt dat je zelf hulp, zorg of behandeling nodig hebt, minder voor ( onaangename) verrassingen te staan. Bovendien komen veel van de onderwerpen ook aan de orde bij het z.g. keukentafelgesprek of bij een intake gesprek van de zorg.
Via onderstaande link is de checklist te downloaden.

welke zaken zijn van invloed op mijn kwaliteit van leven; checklist

 

06/16/15

Truus Schilp lezing 2015 : ” Laat je horen!”

truusschilplezingOp 2 juni hebben we de 10e Truus Schilplezing het thema zorg mee gegeven. De lezing werd gegeven door Iris van der Reijden. Zij is verpleegkundige, bedrijfskundige en gecertificeerd coach en was, net als Truus Schilp, directeur van een verpleeghuis voordat ze besloot zelfstandig aan het werk te gaan en zich te wijden aan de “cliëntenkant” .

Ze is onder andere kroegbaas van een Alzheimercafé en bestuurslid van Cliëntenbelang Amsterdam. In haar lezing vertelde ze een verhaal uit haar eigen ervaring, herkenbaar voor iedereen. Haar boodschap was duidelijk, zorg dat je weet wie je bent en vraag vanuit dat perspectief de zorg die je nodig hebt. Harm Puite, freelance medewerker bij Czaar 51, benoemde in zijn lezing daarnaast het grote belang van een netwerk, mensen waarop je terug kan vallen. Czaar 51 is een ontmoetingsplek waar gelijkgestemden elkaar kunnen treffen. Zoals ook de kerk een plek kan zijn om (nieuwe) mensen te ontmoeten. Aan het eind van de middag werd er nog nagepraat tijdens een gezamenlijk maaltijd.
Hier staat de volledige tekst van de lezing door Iris van der Reijden.

WIE ZIJN WIJ?

mensen3

De Muiderkerk staat aan de Linnaeusstraat in Amsterdam Oost, aan de rand van het Oosterpark. Het gebouw wordt gebruikt door de Muiderkerkgemeente, die samen met de Elthetogemeente deel uitmaakt van de Protestantse Kerk Amsterdam Oost (PKAO)

Op zondagmorgen is er altijd een kerkdienst. Dan klopt het hart van de gemeente. Wanneer de bijbel opengaat en er gezongen, gebeden en gedeeld wordt, voelen velen zich thuis.Het gebouw staat door de week open om er te zingen en te vergaderen, te eten of kringgesprekken te voeren. De mensen die het moeilijk hebben, wil de kerk met raad en daad bij staan. Die zorg en aandacht is natuurlijk niet alleen voor gemeenteleden bedoeld, maar voor iedereen in de buurt. Want de kerk wil er ook zijn voor de buurt en voor allen die daar wonen.

06/16/15

samenwerken mantelzorgers en prof’s, definities en tips bij opname

Definities
* Mantelzorg is zorg die gegeven wordt vanuit een bestaande relatie.
* Vrijwilligers geven hulp en zorg niet uitgaande van bestaande relatie
* Informele zorg : niet betaalde zorg door mantelzorgers en vrijwilligers
* Formele zorg : betaalde ( en vergoede ) zorg gegeven door medewerkers, professionals, met
beroepsopleiding.
* 1e contactpersoon : door instelling gevraagde contactpersoon binnen de kring van naasten van de cliënt/ bewoner/ patiënt.
* Contactverzorgende/ persoonlijk begeleider : degene die namens de instelling het overleg voert met de 1e contactpersoon

Tip 1:
Wees vanaf het begin eerlijk en duidelijk naar je naaste toe. Vertel wat je zelf wel of niet kunt volhouden Wees open naar eventuele hulpverleners toe. Schaam je niet als het niet gaat. En voor hulpverleners : wees vanaf het begin duidelijk wat je wel en niet te bieden hebt! Probeer er achter te komen wat voor je cliënt en zijn naaste belangrijk is. Laat de regie waar hij hoort, bij hen. Overleg, praat en wees eerlijk.

Tip 2:
Samenwerken met je naaste, formele en informele zorg vraagt om een goede voorbereiding van jezelf. Bereid je voor met elkaar! Bespreek wat voor jullie belangrijk is. Denk dan aan dagritme, dingen die je graag doet, hobby’s die je wilt blijven uitoefenen etc. Denk na over wat je zelf wilt blijven doen en hoe je dat kunt volhouden.

Tip 3
Bereid je voor opname goed voor. Wat wil je perse wel, en wat perse niet? Welke dingen wil je blijven doen? En wat niet? Ga er niet van uit dat het beter of slechter is dan thuis, het is gewoon heel anders!

Tip 4
Voor cliënt en mantelzorger:

Ga er niet vanuit dat je vanzelfsprekend uitgenodigd wordt bij alles wat de zorg betreft, vraag er naar, vraag naar de gang van zaken. Vraag bij wie je terecht kunt, en hoe ( telefoon, per mail of in persoon) Geef aan hoe het bij jullie in de familie gesteld is, wie de 1e contactpersoon is. Ga er niet vanuit dat wat je wenst toch niet mogelijk zal zijn ( ze hebben het al zo druk…) Stel gewoon je vragen! Er kan vaak meer dan je denkt.
Voor de zorg :
Help behalve de bewoner, ook de mantelzorger wennen aan de nieuwe situatie. Betrek hen bij : het opstellen van het zorgleefplan, de leefgebieden, de MDO’s.
Vraag wat de naasten zelf zouden willen blijven doen, en wat juist niet!
Geef aan wie de contactverzorgende/ persoonlijk begeleider is, wanneer en hoe die bereikbaar is. Vertel wie de leidinggevende is en wie de behandelend arts.

Tip 5
Neem niet alle zorgen van iedereen op je nek. Als je vindt dat er dingen zijn die structureel niet goed gaan, bespreek het en stap naar de cliëntenraad. Zij zijn er voor.

Tips om verder te lezen:

halverwege de pagina een link naar het manifest, verwachtingen Platform Mantelzorg bij Cliëntenbelang Amsterdam t.a.v. de samenwerking tussen instelling en mantelzorgers

site van de gemeente Amsterdam, met informatie, en o.a. een 3 minutencheck mbt overbelast zijn of raken

site van Cliëntenbelang Amsterdam, met onafhankelijke ondersteuners voor cliënten ( en mantelzorgers) in de langdurige zorg

onderdeel van de site van Markant, informatie over recht op onafhankelijke cliëntenondersteuning hulp en advies.

09/8/14

naar school

Uitgenodigd om lid te zijn van de adviesraad van 2 VMBO scholen, de 1 in Zuid Oost, de ander in de Watergraafsmeer. Zwarte scholen, en bij het voorbereiden zie ik dat 80% van de leerlingen een extra ondersteuningsbehoefte heeft. (Combinaties van laag IQ met achterstand in sociaal emotionele ontwikkeling, leerontwikkeling, sociale problematiek etc.)
Het soort scholen dat slecht bekend staat, waar de sociaal zwakkeren zitten, heibel in de buurt veroorzaken; de samenleving staat bol van de ( voor) oordelen over het VMBO. En dan zeker die scholen waar ‘alleen maar’ VMBO onderwijs gegeven wordt. Als je kind dan toch naar het VMBO moet ( by the way uit de losse pols 50 % van alle leerlingen) , dan toch het liefst naar een scholengemeenschap waar ook HAVO en VWO gegeven wordt. ( lees ook : http://nos.nl/artikel/185083-steeds-meer-kinderen-naar-havo-en-vwo.html)

De start van lid van de adviesraad zijn : een dagje meelopen op beide scholen.

Bindelmeer College Zuid – Oost

fotoluifel

Voor de deur staand van de school in Zuidoost maak ik een foto van de luifel. Mooi!

Binnenkomend, prachtig ruim, alles strak en schoon, aangenaam. De school is een paar jaar geleden helemaal gerenoveerd, met klasse. Het is heel erg stil op de gangen, alle klassen zijn aan de gang, geen zwervende leerlingen op de gang.
Van de directeur hoor ik het verhaal over hoe de school achteruit ging en leegliep, EN de verbouwing , zowel in fysieke zin als in organisatorische en personele zin.
Een lijn ingezet naar verjonging van het docententeam, nu een combinatie van ‘ervaren rotten in het vak’ en ‘enthousiaste jonge honden’. Het werkt, het leerlingen aantal groeit.
Kenmerken van het onderwijs : kleinschalig, heel veel duidelijkheid, sturen op gedrag en veel persoonlijke aandacht.
Verschillende leerwegen ( basis, kader en theoretisch)
Tijdens de rondleiding ontmoeten we medewerkers van het zorgteam, docenten, komen we langs de STOP klas ( School Time Out Programma; waar leerlingen ook van andere vmbo scholen een soort time-out krijgen met op maat programma om problemen die in de gewone klassen ontstaan zijn op te lossen)
Op naar een les : biologie. Ik leer weer over fotosynthese, verbranding, organismen, zuurstof en energie. Alles praktisch uitgelegd, en de docent ( type ouwe rot :)) houdt iedereen bij de les.
Maak een pauze mee, docenten aanwezig bij de leerlingen, houden alles in de gaten en spreken aan waar het onrustig wordt. Een gezellige en veilige boel.
Maak een tweede les mee, waar het veel onrustiger is, leerlingen aan het werk gezet worden in groepjes, gegeit, kinderen die elkaar aanspreken, kinderen die de les uitgestuurd worden, ik word van die ene les al moe! En toch, toch werken de leerlingen uiteindelijk aan de gegeven opdracht.
In de docentenkamer spreek ik docenten en medewerkers, een aantal met een totaal andere achtergrond ( een jongerenwerker, een beeldend kunstenaar/antropoloog), het voelt er fijn, daar zit een lekker team bij elkaar. De betrokkenheid spat er in alle gesprekken vanaf!

College de Meer Watergraafsmeer.
Start weer om 9 uur, ook hier totale rust op de gangen. Ik mag mijn gang gaan, binnenlopen waar ik wil, praten met wie ik wil.
De directeur is aan het lesgeven, ga daar naar binnen. Klein klasje, het vak is Duits. Ik kom er niet zo maar vanaf, moet me voorstellen aan de leerlingen. 🙂
Hij vervolgt de les, en gaat op een gegeven moment de mevrouw van de kantine halen.
Zij spreekt Duits en komt met de leerlingen praten. In het Duits. De leerlingen mogen haar van alles vragen, in het Duits. Niet de eerste keer, de leerlingen en mevrouw genieten er van. De docent helpt, en benadrukt nieuwe woorden die geleerd worden.
Op een gegeven moment vertelt zij over haar kerk en geloof – Syrisch Orthodox – en dat zij is wezen demonstreren tegen de oorlog in Syrië. Dat ze trots was op NL. Gevraagd aan de leerlingen of ze iets weten van de oorlog daar blijkt dat niemand daar iets van weet.
Op een gegeven moment ben ik alleen met de leerlingen en ik vraag waar zij wonen, en blijkt dat een behoorlijk aantal uit Zuid Oost komt. Ik vraag ze waarom ze dan niet naar het Bindelmeer gaan : ” nee, daar kent iedereen me, dat kan niet!.” Ja, dit is een fijne school. Wat ze later willen worden, de een weet het wel ( doorleren om veel geld te gaan verdienen) de ander heeft geen flauw idee.
In gesprekken in de rest van de dag met docenten, medewerkers, decaan merk ik weer die enorme betrokkenheid.
Zorgen over de thuissituatie, het op straat leven, forse tegenspraak als ik het heb over de ingewikkeldheid van het werken met leerlingen met zo’n laag IQ.
” IQ zegt niet alles, deze leerlingen hebben heel andere kwaliteiten, zoals streetswise zijn, snel sociale situaties kunnen inschatten, en op deze leeftijd heel open en direct zijn!”.
Ageren tegen grenzen ( “het zijn pubers!”) en accepteren de grenzen die gesteld worden.
Iedereen spreekt leerlingen continue aan op gedrag, docent of onderwijs ondersteunend personeel, iedereen is ‘meester’ of ‘juf’.
Op een constaterende , min of meer neutrale, maar ook heel duidelijke manier. Super consequent.
Dan mag ik een tijdje bij de conciërge zitten. Leerlingen die de les uit gestuurd zijn melden zich met een rood briefje. Wie dat nog niet gedaan heeft moet op de achterkant schrijven wat er gebeurd is. Opdracht staat er ook op genoteerd.
Hij, de conciërge, kent ook iedereen.
Handelt in de tussentijd van alles af, beantwoordt de telefoon en slecht een ruzie. ( ” Meester, hij heeft foto’s van me gemaakt met zijn mobiel!” ” Haal hem maar even” ” Heb jij foto’s van haar gemaakt?” ” Ja meester, en zij heeft een filmpje van mij gemaakt!” ” Wis de foto’s nu even. Heb je dat gedaan? Haal haar maar even” ” Heb jij van hem foto’s op je mobiel? ” ” Nee meester” ” Een filmpje?” ” ja meester, maar niet hier op school!” ” Wis je die dan even nu?” ” Ja meester.”)

Onder de indruk en food for thought
Ik ben enorm onder de indruk.
Een paar vragen houden me bezig en over die vragen gaan we ( de directeuren en ik) verder in gesprek.
De eerste : waar ik aanvankelijk dacht : ” hoe moeilijk zal het zijn om les te geven aan dit type leerlingen, hoe redt je dat? Zonder gedemotiveerd of burn out te raken? En door hoeveel bijzaken worden de docenten in beslag genomen?”  zag ik op beide locaties heel betrokken, bevlogen en enthousiaste docenten en medewerkers, lekkere teams. En vraag ik me af : hoe krijgen ze dat voor elkaar? weten ze dat zelf?
De tweede vraag : “hoe komen de problemen in de wereld, die nu ook in de stad merkbaar zijn, tegenstellingen en oorlog tussen verschillende geloven, ethniciteiten, binnen op de school? Zijn die problemen daar ook aan de orde?
En de derde, die ook aangegeven is door diverse docenten : “mij lijkt een grote zorg dat de sfeer, klimaat, benaderingswijze op school heel anders is dan thuis. Hoe zou die kloof overbrugd kunnen worden?”

Mooi, en hartstikke moeilijk werk is het.

06/25/14

Impressie Alzheimercafé Amsterdam Noord juni 2014: Mantelzorg

Bij binnenkomst aardige vrijwilliger die je opvangt , een kopje koffie schenkt, een praatje maakt. Live muziek, twee dames , fijne sfeer zo al meteen. Ondanks het voetballen toch 41 bezoekers.
De eerste introductie van de gasten van vanavond : Leonie van Noort, journalist en documentairemaker, en Angelien Horn, voorzitter van het platform mantelzorg Amsterdam.

Beelden zeggen meer dan woorden
We kijken met zijn allen naar de film die het Platform Mantelzorg Amsterdam heeft laten maken en uitgebracht heeft : ” even op adem komen “  over langdurige mantelzorg.
Wat een indrukwekkende beelden, van mensen die liefdevol voor hun partner, ( met dementie), kind ( met autisme, met Duchenne) of moeder ( met dementie) zorgen. Liefdevol, want de liefde spat er vanaf! En hun overwegingen om dat thuis te doen, en hun zoektocht om dat vol te houden. De tranen springen je in de ogen. ( die van de zuster –  die de rol van kroegbaas/ gespreksleider vervult – ook…)
Ook in het gesprek met de zaal blijkt dat de beelden enorme impact hebben. Een aantal bezoekers zijn zichtbaar geëmotioneerd, en durven dat ook te laten zien, er iets over te zeggen!
Eén van de bezoekers uit haar zorg dat onze regering ons nu zal dwingen, dat iederéén deze keuze MOET maken, alles zelf thuis doen. En als je het nu zelf niet ( meer ) aankan? De zuster kan het niet nalaten om te benadrukken dat iedereen zijn eigen keuze daarin moet en ook mag maken. Dat daarvoor ook hulp beschikbaar is, om samen die afwegingen te maken. En dat niemand je kan en mag verplichten om zo ver te gaan dat je er zelf aan ten onder gaat!
Daarop vertelt een mevrouw in de zaal : “Ja, ik heb het met mijn gehandicapte kind ook heel erg lang volgehouden, en ik ging uiteindelijk helemaal op de automatische piloot.Pas nadat hij/zij na heel veel aarzelingen en twijfels in een woongroep is opgenomen, heeft het nog een hele tijd geduurd, maar nu heb ik mezelf weer teruggevonden.” “Op de automatsche piloot betekende dat ik helemaal afgesneden was van mezelf, mijn gevoel, mezelf was kwijtgeraakt.”

Pauze

hoe de digitale wereld kan helpen
Na de pauze Leonie van Noort aan het woord, die vertelt over haar project “Play Man”. Van haar vak documentairemaker, en deze samsn met een grafisch vormgever. Beiden in de privesfeer mantelzorg aan den lijve meegemaakt. Nu een project, waarin ze op zoek gaan naar verhalen van mantelzorgers over de dagelijkse dingen waar ze tegen aanlopen. Nodigen mantelzorgers uit om daarover met de smartphone een filmpje te maken, dat vervolgens op een website komt.

Ook nu een filmpje : Project C/ PLay Mantelzorg
In het gesprek met de zaal een hoop praktische vragen, en aan de hand van de vragen komt het beeld wat het nut en werking van dit project kan zijn voor mantelzorgers : “Je kunt zelf je ei kwijt” , ” als je de filmpjes van anderen ziet, kun je merken dat je niet de enige bent die hiermee tobt” ” mantelzorgers kunnen zo praktische dingen van elkaar leren” ” als je zelf de techniek niet kan hanteren, kan je toch iemand anders vragen om te helpen?” Ook aan de orde komt nog even dat bijvoorbeeld ook hooglereaar Anne-Mei The ( hoogleraar dementie) bezig is onderzoek te doen naar de gewone dagelijkse situatie van mensen met dementie en hun directe omgeving, en hoe we dat beter kunnen ondersteunen.
Dan een ontroerend verhaal van het echtpaar, hij met rheuma, zij met beginnend dementie. ” Hij denkt, en zij doet!” Over (eigen) kracht gesproken!

Verhalen en beelden om van te leren ipv tekentafelconstructies
Afsluitend : Ja, het is mooi en goed dat er nu – naast alle beleidstaal en tekentafel constructies – steeds meer aandacht komt voor verhalen van mensen zelf, kijken hoe we uit die verhalen van elkaar kunnen leren. Mensen met dementie horen er gewoon bij, in onze maatschappij, er is niets om je over te schamen, en niet nodig dat die wereld een wereld is die zich alleen maar achter de voordeur afspeelt!
Complimenten aan iedereen die het durft, er ‘ gewoon’ over te praten!
Het was een mooie, zinvolle avond…

06/16/14

Zit het niet in systeem zelf? Over de Q vd ouderenzorg

Zuster las het rapport van de inspectie over de Q van de ouderenzorg. De ouderenzorg schiet op 5 hoofdpunten tekort: het functioneren van de bestuurders, de volledigheid van de zorgplannen (te weinig resultaatgericht), te weinig (deskundig) personeel, medicatieveiligheid en vrijheidsbeperkende maatregelen.

Wat haar opviel bij het lezen:
Tempo
het tempo van de inspectie zelf : rapportage gaat over 2011 en 2012; er is in 2013 een grote omslag gekomen : met het wegvallen van ZZP 1,2 en 3 minder €, minder personeel kunnen bekostigen, en vrijwel overal inzicht dat bij wegvallen lage ZZP’s ( minder complex) ook minder laaggeschoold personeel + eindelijk inzicht dat uberhaupt meer geschoold personeel noodzakelijk is. De personele opbouw ( gebrek aan Q, IQ EN EQ) ) een van de grootste problemen.
Manier van toetsen
er is zoals gebruikelijk – en bij gebrek aan beter? – veel getoetst op papieren weerslag van de zorg: in de zorgplannen niet concreet genoeg aangegeven wat er precies gebeurt in problemen, doelen en acties ( btw : waarom niet in wat mensen willen en hoe daaraan bij te dragen??) het ontbreken van scorelijsten zus en zo, beleid etc.etc. wat dat werkelijk zegt over ervaren Q wordt een steeds prangender vraag.

en wat ze er bij denkt :
verandervermogen
gezeur, zeker na de publicatie , door van Rijn ( die ze overigens hoog acht) over gebrek aan verandervermogen van bestuurders. Het is onwaarschijnlijk dat er zooooveeel incapabele bestuurders zijn.
Systeemziekte
Haars inziens gaat het om systeemziekte. De manier waarop we het georganiseerd hebben past in feite niet bij onze ‘ primary task’, zorg, 1 op 1 situatie, en de organisatie die er zou moeten zijn om dat proces te faciliteren. Niet voor niets dat waar e.e.a. kleinschaliger georganiseerd wordt – te beginnen met zeggenschap van clienten  zelf ( en netwerk) in de zorgrelatie, en zeggenschap over alles mbt de organisatie van de zorg ter plekke –  succesvol zijn. Dat noemen we dan zelfsturende teams, maar dat is niet de essentie. wel het feit dat de zorg dan niet in stukjes opgeknipt wordt en vanuit een zorg fabriek 4 lagen daarboven dmv oekazes bepaald wordt…..( voeding, facilitair etc)
Het werk is moeilijker & zwaarder dan we denken
Dat 1 op 1 werk is veel moeilijker & zwaarder dan we denken ( en ook vies, ochtend iedereen uit bed, dat is wat we horen en over denken, maar wat we niet horen zien is : iedereen uit de inco’s hijsen vol ontlasting etc..) Dat werk behoeft ondersteuning!
Minder leidinggevenden?
Minder leidinggevenden? Dat hangt er vanaf op welk niveau! Een leidinggevende die er voor zorgt dat het werk overzichtelijk is, een aai over de bol, maar ook streng en duidelijk lijkt haar meer op zijn plaats. Een lg die dan kijkt in hoeverre taken bij mensen in het team passen, wat ze leuk vinden, energie van krijgen. ipv al die regelgekte en beheersdrang, waar kan loslaten! ( denk aan ‘ oude’ theorie van Hersey en Blanchard over situationeel leiderschap.) Dat vraagt dus juist om heel verstandige leidinggevenden/ teambuilders/ coaches . Ook hier geldt : ook voor hen moet het overzichtelijk / haalbaar blijven, dus niet 1 lg op meer dan x mensen, anders lukt dat niet.
Q Personele opbouw
Over de personele opbouw nog: bij het gaan werken met hogere niveaux in de organisaties, zeg professionals – niveau 5 – kan je bovendien veel meer varen op de beroepsdeskundigheid en eigen professionele standaarden en eigen verplichte Q systemen zoals intercollegiale toetsing, dat scheelt een hoop papier + systeem geld! En dan niet allemaal, zeker niet, maar wel voor het plannen en organiseren en bewaken van het 1 op 1 zorgproces…
Die Slechte bestuurders
en dan nog even die bestuurders en het systeem : interessant : in de overgangsperiode van financiering van huisvesting van centrale gegarandeerde financiering naar normatieve huisvestingscomponent ( uit de tarieven cq productie) gebeuren er 2 belangrijke dingen : de huizenmarkt stort ineen, waardoor bezit opeens veel minder waard is ( met alle balans en financiele gevolgen van dien) + een deel van de productie wordt wegbezuinigd door de << ZZP operatie. En dat ligt aan de bestuurders? En dan klagen over dat ze dat niet goed doen? Daar heb je duizendpoten voor nodig toch? En zelfs diegenen die altijd al gekozen hebben voor huren ipv zelf in bezit , zitten met de gebakken peren : wat altijd huur was, wordt (opeens?) beoordeeld als financial lease, waardoor ook dat vastgoed op de balans van de instelling  komt, met de bijbehorende waardevermindering. En omdat alles uit de tarieven moet komen, stellen de banken ook steeds hogere eisen! Zo gek dat de aandacht wel heel erg veel gaat naar de financien? ( not) Overleven!
De Markt
de rol van ‘ de markt’ de eisen van voorheen de zorgkantoren en zorgverzekeraars : die hebben de fusies aangejaagd, de instellingen realiseerden zich dat ze een grotere inkoopmacht moesten realiseren, anders geen partij; + daar ligt heel erg veel geld op de plank ( zoiets als 3,6 miljard  meer dan de eisen van de banken mbt solvabiliteit!!!!) + van daaruit ook heel veel papieren eisen mbt de papierQ.
Systeemverantwoordelijkheid
Kortom, ze vindt dat de overheid boter op zijn hoofd heeft. En, er is er maar 1 die de systeemverantwoordelijkheid heeft, en dat is de overheid.  Mbt de 5 onderdelen, tsja, allemaal deels waar dus. Maar ook : dat het huidige systeem niet meer voldoet, aan het eind van zijn levenscyclus is.

Stiekum denkt ze dat we bedrijfskundige verpleegkundigen nodig hebben.
En, dat het systeem niet gaat veranderen vanuit de organisaties zelf, maar wel doordat clienten veranderen. Door zich bijvoorbeeld beter voor te bereiden op wat hen te wachten staat als ze ooit zorg nodig krijgen, wat ze wel en niet willen zelf!

Dat zou nog eens lekker werken zijn! Een goed voorbereide client, die allang zijn eigen interne keukentafel gesprek gevoerd heeft voordat er een hulpverlener aan te pas komt! Die beweging, die boeit enorm! ( mee bezig in het stadsdorp  )